In de aanloop naar de Nationale Dodenherdenking staan Vught en Den Bosch komend weekend in het teken van de Open Huizen Route. Op zaterdag 2 mei en zondag 3 mei brengen vertellers de indrukwekkende geschiedenissen van voormalige Joodse bewoners en verzetsmensen tot leven. De stichting Open Joodse Huizen en Huizen van Verzet organiseert deze bijeenkomsten al sinds 2018, waarbij de verhalen worden gedeeld op de exacte locaties waar de historische gebeurtenissen zich afspeelden.
Aangrijpende stadsgeschiedenis
In zowel Vught als in onze eigen stad openen zes gebouwen van voormalige Joodse bewoners en zes locaties van verzetslieden hun deuren. Een van de bijzondere plekken is de L.W. Beekmanschool. Hier deelt René Dupuis het verhaal over het lot van de Joodse leerlingen. Hen werd destijds verboden de lessen nog langer bij te wonen, waarna het gebouw werd gevorderd om plaats te maken voor de zogeheten Deutsche Schule.
Een ander bijzonder verhaal klinkt in de Hervormde kerk aan de Kerkstraat. Jan Douwes, de kleinzoon van dominee Jan Douwes en Nicolien (Niek) van Doesburgh, zal hier het Kaddisj ten gehore brengen, een traditioneel Joods gebed voor overledenen. Aansluitend neemt dominee Erika Scheenstra de bezoekers mee in het leven van oma Niek. Na de arrestatie van haar man nam zij, ondanks haar eigen grote gezin, een flink aantal Joodse onderduikers in huis die zij liefkozend haar ‘neefjes en nichtjes’ noemde.
Ontsnapping via de achtertuin in Vught
Ook in het nabijgelegen Vught spelen nabestaanden een belangrijke rol in het vertellen van de geschiedenis. Aan de Gogelstraat 3 deelt Hermann Kossman de herinneringen aan zijn grootouders, Götz Follender en Louise Vos. Zij verhuisden in 1938 met hun driejarige dochter Marina naar Vught. Dankzij de moedige en tactische hulp van een Vughtse politieagent wist de jonge Marina via de achtertuin ternauwernood te ontsnappen aan deportatie.
Toegankelijkheid en planning
De bijeenkomsten van de Open Huizen Route vinden op zaterdag 2 mei plaats in Vught en op zondag 3 mei in Den Bosch. De organisatie heeft het programma dusdanig afgestemd dat belangstellenden voldoende tijd hebben om meerdere locaties op één dag te bezoeken. De toegang tot de verhalen en locaties is voor iedereen gratis.







