De zoektocht van D66 naar een nieuwe kandidaat-wethouder is ten einde. De grootste partij van de gemeenteraad heeft de 49-jarige Rutger Schonis uit Middelburg naar voren geschoven. Het fenomeen van de ‘wethouder van buiten’ zorgt voor wisselende reacties in de lokale politiek, maar volgens Schonis brengt zijn afkomst juist voordelen met zich mee.
De ‘ZeBra’s’ op het stadhuis
Schonis, die de afgelopen vier jaar wethouder was in zijn woonplaats Middelburg, vormt straks samen met partijgenoot Mariève Craste het wethoudersteam van D66. Opvallend is dat ook Craste oorspronkelijk uit Zeeland komt. Gekscherend noemen zij zichzelf al de ‘ZeBra’s’: Zeeuwse Brabanders. Hoewel Schonis zijn huidige woning in Middelburg samen met zijn man aanhoudt, gaat hij op zoek naar een appartement in de buurt van zijn nieuwe werkplek. Een dagelijkse reis van ruim driehonderd kilometer is volgens hem onhoudbaar. “Voor een wethouder is het essentieel dat je hier veel bent,” aldus Schonis, die tevens benadrukt dat hij zijn opgebouwde Haagse netwerk uit zijn tijd als Tweede Kamerlid meeneemt.
Kritiek vanuit lokale hoek
Niet iedereen is te spreken over een bestuurder die de lokale straatjes en sluiproutes niet op zijn duimpje kent. Bij Rosmalens Belang heerst scepsis. Voorzitter Felix van den Nieuwendijk stelt dat een wethouder van buitenaf bij voorbaat met 2-0 achter staat, omdat het gevoel voor de lokale cultuur en leefwijze ontbreekt. Fractievoorzitter Jochem Huibers vult aan dat het van groot belang is dat Schonis snel uit de politieke bubbel stapt en actief het contact met inwoners opzoekt. Schonis zelf ziet zijn gebrek aan lokale wortels juist als een kracht: “Ik heb hier geen verleden, dus ook geen vijanden die met mij nog een appeltje te schillen hebben.”
De trend van de ‘importwethouder’
Het aanstellen van wethouders buiten de eigen gemeentegrenzen is wettelijk toegestaan sinds 2002. Hoewel er officieel een verhuisplicht geldt, wordt in de praktijk vaak een jaarlijkse ontheffing verleend. Het aantrekken van bestuurders van buitenaf is geen unicum meer; landelijk heeft bijna de helft van de gemeenten er inmiddels ervaring mee.
Eerder haalde de lokale politiek al de Amsterdamse stadsdeelbestuurder Rick Vermin naar de regio. Vermin reisde veelal met de trein op en neer en verdiepte zich naar eigen zeggen met volle overgave in de lokale cultuur. Toch erkent Vermin dat een wethouder van buiten ook risico’s met zich meebrengt, zoals een mogelijke kloof tussen bestuurder en burger. “Het is fijn als je partij een wethouder bij de bakker om de hoek kan vinden, maar dat lukt niet altijd meer,” verklaart hij. Vermin zal na zijn termijn overigens niet doorgaan, omdat hij een definitieve verhuizing voor zijn gezin niet ziet zitten.







